Begravingsgebed voor een Martelaar

Begravingsgebed voor een Martelaar


[uit: Fiqh As-Sunnah van Sayyid Saabiq, Volume 4, bladzijde 47: Begravingsgebeden (Salaat Al-Janaazah)]


Vertaald door een broeder

bron: Kitab Wa Sunnah
 

 

Een martelaar is iemand die gedood is in een slagveld vechtend tegen de vijanden van Islam. Al de ahadeeth over dit onderwerp zijn zeer expliciet dat geen begravingsgebed wordt uitgevoerd voor een martelaar.

Bukhaari heeft overleverd van Jaabir dat de Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) beveelde dat de martelaren van de slag van Uhud begraven worden terwijl ze nog bloedden. Hij heeft hen niet gewassen noch een begravingsgebed voor hen uitgevoerd.

Ahmad, Abu Dawud en Tirmidhi rapporteerden dat Anas zei: ”De martelaren van Uhud werden niet gewassen. Zij werden begraven met hun wonden ongewassen, en geen begravings gebed was uitgevoerd voor hen.”

Er zijn echter wat hadeeth die gelijk expliciet zijn en zeggen dat een begravingsgebed uitgevoerd moet worden voor martelaren. Bukhaari rapporteerde van ‘Uqbah ibn ‘Amr dat op een dag de Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) uit ging en een begravingsgebed uitvoerde voor de martelaren van Uhud, acht jaar na hun dood, alsof hij afscheid nam van zowel de levenden en de doden.

Abu Maalik Al-Ghafari rapporteerde: ”De lichamen van de martelaren van Uhud werden gebracht in groepen van negen en met de lichaam van Hamzah geplaatst, die als tiende diende. Daarna voerde de Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) een begravingsgebed voor hen uit. Na dat de negen lichamen werden weggehaald Hamzah ongestoord achterlatend. Toen werd een ander groep van negen martelaren gebracht en geplaatst naast Hamzah. De Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) voerde ook voor hen een begravingsgebed uit. Op deze manier voerde de Profeet, salla Allahu ‘alayhi wa sallam, begravingsgebed uit voor hen allemaal.”

Deze hadeeth is overgeleverd door Al-Baihaqi, die zegt: ”Dit is de meest sterke hadith over dit onderwerp. Het is echter een mursal hadith. (Mursal: Een hadeeth dat steunt op een ketting van overdragers die niet verder teruggaan dan de tweede generatie na de Profeet. (salla Allahu ‘alayhi wa sallam))

Het verschil in de overleveringen in deze verscheidene hadith heeft er toe geleid dat juristen verschillen op dit onderwerp. Sommigen nemen alle van hen samen, terwijl anderen sommige overleveringen prefereren over anderen. Ibn Hazm vindt dat of – uitvoeren of niet uitvoeren (begravingsgebed voor martelaren) – is toegestaan. Het is goed of er nu wel of geen begravingsgebed wordt uitgevoerd voor de martelaren. In een van zijn verklaringen heeft Imaam Ahmad een gelijkaardige mening uitgedrukt.
Ibn al-Qayyim stemt in over deze mening en zegt: ”Het correcte standpunt in dit onderwerp is dat iemand een keuze heeft of wel of niet een begravingsgebed uit te voeren (voor een martelaar), omdat er berichten zijn ten gunste van beide standpunten.”

Dit is ook de mening van Imaam Ahmad, en hij is de gepaste persoon om de principes van zijn school te beschrijven. Hij zegt: ”Wat schijnbaar is van dit is dat geen begravingsgebed uitgevoerd werd voor de martelaren van Uhud voor ze te begraven. Er waren zeventig mensen die martelaren zijn geworden in dat gevecht en elk begravingsgebed voor hen kan niet in het geheim hebben plaatsgevonden.”

De Hadith gerapporteerd door Jabir ibn ‘Abd-Allah dat de Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) geen begravingsgebed voor deze martelaren heeft uitgevoerd is sterk en zeer expliciet. Jabir’s vader was onder diegenen die gedood waren die dag, en hij wist wat weinigen naast hem wisten.
Abu Haneefah, At-Thawri, Al-Hasan, en Ibn Al-Musayiyaib echter, zijn geneigd naar de verslagen die verklaren dat de Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) begravingsgebed voor de martelaren heeft uitgevoerd. Zij vinden dat een begravingsgebed uitgevoerd moet worden voor martelaren. Maalik, Ash-Shafi’i, Ishaaq en volgens een verslag, Imaam Ahmad prefereren echter de verslagen die zeggen dat geen begravingsgebed uitgevoerd worden voor martelaren. Ash-Shafi’i schrijft in zijn Kitaab al-Oum: ”Alle verslagen ontvangen over dit onderwerp zijn sterk en laten zien dat de Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) geen begravingsgebed uitvoerde voor de martelaren van Uhud. Zij die rapporteren dat hij begravingsgebed voor hen uitvoerde en zeventig takbeers zeiden voor Hamzah zijn niet correct. Zij die wegkeren van deze sterke hadeeth moeten zich schamen voor zichzelf. De hadeeth gerapporteerd door ‘Uqbah ibn ‘Amir zegt ook dat de Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) zo heeft gedaan acht jaar na hun dood alsof hij afscheid van hun nam. Dit houdt geen afschaffing van een gevestigd gebruik in. (Zie Al-Oum. door Ash-Shafi’i)

[Uit Fiqh As-Sunnah van Sayyid Saabiq, Volume 4: Begravingsgebeden (Salaatul Janaazah)]

Een Persoon Overleeft een Gevecht maar Sterft later door Wonden

[Uit Fiqh As-Sunnah van Sayyid Saabiq: Volume 4, Page 48]

Als iemand gewond is in een gevecht, maar overleeft, voor een tijdje in stabiele toestand blijft, en daarna doodgaat, moet hij gewassen worden en een begravingsgebed moet voor hem uitgevoerd worden, ondanks dat hij een martelaar zou zijn. De Profeet (salla Allahu ‘alayhi wa sallam) waste Sa’d ibn Mu’adh, en voerde een begravingsgebed voor hem uit nadat hij overleed aan zijn handwonden. Sa’d werd naar de moskee gebracht, waar hij voor een paar dagen verbleef en toen doodging als een martelaar door zijn besmette wond.

Aan de andere kant, als een gewonde strijder niet overleeft in stabiele toestand, of hij sprak en dronk alleen water en ging daarna dood, dan wordt hij niet gewassen of voor hem een begravingsgebed uitgevoerd.
De auteur van Al-Mughni zegt: ”Het is opgenomen in Futuuh Ash-Shaam dat een man zei: ”Ik nam wat water om te drinken te geven aan mijn neef als hij nog steeds leefde na wat wonden in het gevecht. Op de weg kwam ik langs Al-Harith ibn Hishaam die ook gewond was in hetzelfde gevecht. Ik wilde hem te drinken geven, maar hij merkte op dat een ander gewonde man naar hem aan het kijken was voor drinken. Hierop wees hij dat ik eerst deze man te drinken moest geven. Ik ging richting hem om hem te drinken te geven, maar ook hij vond een ander man kijkend naar hem. Dus hij gebaarde dat ik eerst hem het drinken moest geven. Dus zij stierven allemaal.”

Geen van hen werd gewassen of een begravingsgebed voor uitgevoerd hoewel ze allen stierven na het gevecht.


*Er kunnen mogelijk fouten zitten in de vertaling.     [1]

___________________________________________

[1] De tekst is inmiddels nagekeken en er zitten alhamdulillah geen fouten in. – Oum Dujanah Al-Maghrabiyyah.

 

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: